Keypoint Schrijft



Geschreven door Keypoint Consultancy op vrijdag 3 augustus 2018

Data-analyse Noord-Zuidlijn: Hoe is de afname van de vertraging van bussen van en naar Amsterdam te verklaren?

Ruim een week is de Noord-Zuidlijn nu open voor reizigers. Tegelijkertijd is ook het “onderliggende” OV netwerk grootschalig opnieuw ingedeeld. Zo zijn tramlijnen meer gaan functioneren als aanvoer voor de nieuwe metro, waardoor trams nu meer in Oost-West richting rijden. Ook het busvervoer in de concessie Waterland (ten noorden van Amsterdam) is op de kop gegaan om beter aan te sluiten op het nieuwe netwerk. NRC bracht voor de opening al in beeld dat dit niet voor iedereen een verbetering betekent, maar hoe dit in de praktijk uitwerkt was nog niet bekend.

Nu de nieuwe dienstregeling ruim een week in bedrijf is, kunnen we in beeld brengen welk effect dit op de punctualiteit van de uitvoering heeft gehad. Hiervoor hebben we gebruik gemaakt van de databank Nationale Data Openbaar Vervoer (NDOV) die we binnen Keypoint loggen en gebruiken voor analyses.

Wijzigingen in de dienstregeling

In de concessie Waterland reden voorheen 12 lijnen naar Amsterdam, waarvan er 10 Amsterdam CS als eindhalte hadden en 2 Amsterdam Noord. Vanaf 22 juli 2018 rijden er nog maar 4 lijnen door naar Amsterdam CS en eindigen de andere (7) lijnen in Amsterdam Noord, waarvan de meest bij het nieuwe metrostation Noord. Dat betekent dat er minder bussen door de IJ-tunnel en via de drukke Prins Hendrikkade rijden.

Wijzigingen in de punctualiteit

In de onderstaande grafiek is de vertrekpunctualiteit voor en na de invoering van de nieuwe dienstregeling weergegeven. We hebben hiervoor gekeken naar de eerste week waarin van de nieuwe situatie (22 t/m 28 juli 2018) van kracht was en deze vergeleken met de eerste vakantieweek van 2017. Er is duidelijk te zien dat er, sinds de dienstregelingswijziging, meer ritten een negatieve vertrekpunctualiteit hebben (deze ritten vertrekken dus te vroeg) en minder ritten (veel) vertraging hebben. Je zou kunnen zeggen dat de grafiek naar links is opgeschoven, dus dat over de hele linie de vertraging is afgenomen.

Figuur 1 Verdeling vertrekpunctualiteiten concessie Waterland voor en na inbedrijfstelling Noord-Zuidlijn

Nu is een klein beetje te vroeg of te laat niet direct een probleem voor de reiziger, maar een bus die ruim te vroeg vertrekt of veel te laat aankomt leidt wel tot een negatieve reisbeleving, zeker als de frequentie laag is. Als we kijken naar bussen die ruim te vroeg vertrekken (2 minuten of meer), dan blijkt dat voorheen 4,6% van de bussen te vroeg vertrok en nu bijna 8%. Dat betekent dat bij ruim één op de 12 halteermomenten een reiziger, die minder dan twee minuten voor de geplande vertrektijd op de halte aankomt, de bus mist. Voorheen was dit slechts bij één op de 22 halteermomenten het geval.

Een duidelijke verbetering is te zien wanneer we kijken naar het te laat vertrekken bij een halte. Voorheen had de bus bij één op de 5,7 halteermomenten een vertraging van meer dan 3 minuten en nu is dat teruggelopen naar één op de 8.

Het aandeel van het totaal aantal ritten tussen twee minuten te vroeg en drie minuten te laat (“Op tijd” in onderstaande tabel) is licht toegenomen. De punctualiteit is dus verbeterd.

Periode

Meer dan 2 minuten te vroeg

Meer dan 3 minuten te laat

Op tijd

Oud (2017)

4,6%

17,6%

77,8%

Nieuw (2018)

8,0%

12,1%

79,9%


Mogelijke verklaringen

De afname van de vertragingen ten opzichte van de dienstregeling vraagt om een nadere analyse. Hoe kan het dat de vertraging, over de hele linie, is afgenomen? Concreet zouden de volgende zaken kunnen spelen:

  • Er is een te pessimistische inschatting gemaakt van de reistijd tussen haltes, waardoor de dienstregeling te ruim is gemaakt. Hierdoor rijden bussen nu vaker voor op de dienstregeling dan voorheen. In dit geval zou het verstandig zijn de dienstregeling opnieuw aan te passen, bijvoorbeeld door tijdhaltes in te plannen en daar te wachten tot het geplande vertrektijdstip;
  • Er is minder overig verkeer in deze eerste vakantieweek dan in die van vorig jaar, waardoor de bussen gemakkelijker door kunnen rijden dan voorzien;
  • Er gaan minder mensen met de bus (en meer met de metro), waardoor de bus gemiddeld korter halteert dan voorheen;
  • Door de nieuwe dienstregeling voert een groter deel van de lijnen over minder drukke wegen, waardoor er minder vertraging wordt opgelopen. Dit kan bijvoorbeeld komen doordat er minder bussen doorrijden naar Amsterdam CS. Hier gaan we hieronder verder op in. 

Het effect van minder doorrijden naar Amsterdam CS

Of het feit dat er minder wordt doorgereden naar Amsterdam CS een verklaring is voor de verminderde vertraging kunnen we ook onderzoeken met behulp van NDOV-data. In onderstaande tabel is weergegeven wat de gemiddelde vertrekpunctualiteit (in seconden) is van lijnen die wel en niet doorrijden naar Amsterdam CS. Daarin is duidelijk te zien dat de bussen die voorheen doorreden naar CS gemiddeld een veel grotere vertraging (bijna 1 minuut meer) hadden dan bussen met Amsterdam Noord als eindpunt. De vertraging naar CS is in 2018 nog bijna even groot. Van en naar Noord is een duidelijke verbetering te zien, de gemiddelde vertraging halveert daar bijna van 42 naar 24 seconden. De afname van de gemiddelde vertraging is dus vooral toe te wijzen aan de lijnen die niet verder dan Amsterdam Noord rijden. Dit kan worden verklaard door de aanleg van het busstation in Noord en de, specifiek voor bussen beschikbare, toeleidende wegen. Dit effect wordt versterkt doordat er meer bussen met Noord als begin en/of eindpunt zijn gaan rijden dan voorheen.

Periode

Van/naar  CS

Van/naar Noord

Verschil

Oud (2017)

90 (n=10)

42 (n=2)

+48

Nieuw (2018)

96 (n=4)

24 (n=7)

+72

Verschil

+6

-18

+24


Figuur 2 Busstation Metro Noord in Amsterdam

Conclusies en vervolgonderzoek

Door de dienstregelingswijzigingen als gevolg van de inbedrijfstelling van de Noord-Zuidlijn is de gemiddelde vertraging van bussen naar Amsterdam in de concessie Waterland een stuk lager geworden. Deze afname is over de hele linie te zien, wat betekent dat er ook meer bussen te vroeg vertrekken. Op basis van een analyse van NDOV-data concluderen we dat er, in ieder geval, twee verklaringen voor de afname van de vertraging zijn, te weten:

  • Een afname van de gemiddelde vertraging van bussen van en naar Amsterdam Noord;
  • Een groter aantal lijnen dat niet meer doorrijdt tot CS, maar in Noord haar eindhalte heeft. Hierdoor worden drukke delen van het Amsterdamse netwerk gemeden.

Uiteraard zijn deze vakantieweken geen representatieve weken voor het effect van de aangepaste dienstregeling als gevolg van de Noord-Zuidlijn. Pas als iedereen weer terug is van vakantie kan goed in beeld worden gebracht of de situatie is verbeterd of verslechterd. In september zullen we ons onderzoek dan ook herhalen om te kijken hoe de ontwikkelingen buiten de vakantieperiode zijn.