Keypoint Schrijft



Geschreven door Erik Klok op donderdag 28 september 2017

Nederland gaat veel sneller aan de elektrische auto dan ING voorspelt

In de zomer kwam een bericht in de landelijke media dat ING had berekend dat elektrische auto’s in 2024 goedkoper zijn dan auto’s met verbrandingsmotoren en dat ze voorspelden dat in 2035 alle verkochte auto’s een elektrische motor zullen hebben (zie bijvoorbeeld berichten van de NOS en de Volkskrant).

Ik zal laten zien dat ING een uitstekende analyse van de huidige automarkt heeft uitgevoerd, maar dat deze analyse voor Nederland een verrassend andere conclusie zou moeten hebben. Het goede nieuws: de elektrische auto komt sneller dan menigeen denkt!


Rapport ING toont aan hoe de elektrische auto de bestaande auto-industrie bedreigt

Het rapport, getiteld “Breakthrough of electric vehicle threatens European car industry”, is geschreven door de economische afdeling van ING (en is hier te vinden). Zoals de naam al suggereert is het vooral een rapport waarin de implicaties voor de auto-industrie in beeld worden gebracht van de doorbraak van de elektrische auto. Gezien het potentieel ontwrichtende effect biedt het rapport met name belangwekkende informatie voor (professionele) beleggers en de auto-industrie zelf.

ING analyseert in eerste instantie welke barrières er nog zijn voor consumenten om een elektrische auto aan te schaffen en benoemt daarbij terecht de hoge aanschafprijs, de beperkte actieradius van huidige (volledig) elektrische auto’s en de beperkte (snelle) oplaadmogelijkheden. Na 2020 blijft daar alleen de aanschafprijs nog van over omdat snelladen dan op steeds meer plekken kan en er veel nieuwe auto’s op de markt komen waarmee gemakkelijk 350 tot 500 kilometer op een batterijlading gereden kan worden.

Het omslagpunt voor de kosten (per kilometer) ligt volgens ING rond 2024. Waarna de elektrische auto in sneltreinvaart – in 2035 zouden alleen nog elektrische auto’s worden verkocht – de markt over zal nemen. Om dit omslagpunt te bepalen is een analyse uitgevoerd van de huidige prijzen en de verwachte prijsontwikkeling van de Volkswagen (e-)Golf in Duitsland zonder overheidsregelingen. In dat laatste onderdeel zit hem nu net de crux.


Elektrisch rijden in Nederland is (relatief) goedkoop

Nederland is voor autorijden één van de duurste landen van Europa (Leaseplan). Dit komt met name door belastingen zoals de BPM en Motorrijtuigenbelasting. Doordat beide belastingen niet worden geheven op (volledig) elektrische auto’s zijn deze voertuigen relatief goedkoper in Nederland dan brandstofauto’s. Daar komt bij dat de bijtelling voor zakelijke leaserijders vanaf 2017 alleen voor volledig elektrische auto’s 4% is tegenover 22% voor alle andere auto’s. Voor bedrijven zijn er daarnaast verschillende aftrekposten, zoals de Milieu investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieu-investeringen (Vamil), die ze kunnen gebruiken bij de aanschaf en afschrijving van een elektrische auto. Al met al is er een grote hoeveelheid (belasting-) voordelen voor elektrische auto’s in Nederland. Van het volgende kabinet zal afhangen of dat over 5 à 10 jaar nog steeds het geval is, maar gezien de klimaatopgaven en de voorliefde voor de auto van de grootste partij is niet direct een bijstelling (naar beneden) te verwachten.


De ING berekening voor Nederland – een rekenvoorbeeld

Laten we een vergelijkbare berekening doen als ING, maar dan voor de Nederlandse situatie. Omdat het grootste deel van de autobezitters particulieren zijn focussen we ons alleen op de regelingen die voor hen relevant zijn.

Net zoals ING vergelijken we de Volkswagen Golf met de elektrische e-Golf. Voor een zo compleet mogelijk beeld nemen we in de vergelijking zowel de instapmodellen van de benzine- (1.0 B) als de dieselvariant (1.6 D), een benzineauto met wat meer motorinhoud en vermogen (1.4 B) en de, plugin-hybride, Golf GTE mee. We gaan uit van een jaarkilometrage van 15.000 kilometer gedurende een periode van 5 jaar.


Aanschafprijs en afschrijving

Als aanschafprijs hanteren we de vanaf-prijzen inclusief kosten voor het rijklaar maken van de auto (zie tabel hieronder, op basis van gegevens van Autoweek). In aanschaf is de e-Golf, met circa €39.000, een stuk duurder dan de benzine- en dieselvarianten. Dit komt met name door de kosten voor het batterijpakket en de lage productieaantallen van de e-Golf. Ten opzichte van het goedkoopste model gaat het om een verschil van circa €16.000. Aangezien de plug-in GTE twee motoren én een batterijpakket heeft en de uitvoering ook een stuk luxer/krachtiger is, is de aanschafprijs hoger dan die van de e-Golf.

Hoewel er argumenten zijn om voor de elektrische auto een lagere afschrijving te hanteren (vanwege de aantrekkelijkheid van de auto als occasion, zie ook “Totale jaarlijkse kosten” verderop in de berekening) en voor diesel een hogere (wie wil er over 5 à 10 jaar nog een tweedehands diesel?) hanteren we voor alle auto’s 15% afschrijving per jaar. De afschrijving in euro’s neemt op deze manier jaarlijks af, waardoor de duurdere modellen telkens relatief aantrekkelijker/goedkoper worden.

 

1.0 B

1.4 B

1.6 D

GTE

e-Golf

Nieuwprijs

€ 2.790

€25.980

€26.290

€40.320

€38.970

Afschrijving per jaar

€ 2.536

€  2.891

€  2.925

€  4.486

€  4.336

Tabel 1 Nieuwprijs en afschrijving per jaar per model


Vaste lasten

De wegenbelasting is veruit het hoogste voor de diesel-Golf. Hoewel de GTE substantieel zwaarder is dan de benzineversies is de wegenbelasting wat lager aangezien de (theoretische) CO2-uitstoot onder de 50 gram per kilometer ligt en de motorrijtuigenbelasting daarom wordt gehalveerd. Voor de e-Golf hoeft geen motorrijtuigenbelasting te worden betaald. De verzekeringskosten – gebaseerd op een eigenaar die is geboren in 1970 met 4 schadevrije jaren – ontlopen elkaar niet veel (de benzinevarianten zijn iets goedkoper).

De vaste lasten van de e-Golf zijn hiermee het laagste van alle auto’s en zijn ten minste €250 per jaar lager dan van alle de andere varianten.

 

1.0 B

1.4 B

1.6 D

GTE

e-Golf

Vaste lasten

€ 1.055

€ 1.137

€ 1.995

€ 1.218

€ 794

Tabel 2 Vaste lasten per jaar per model


Verbruikskosten

In de verbruikskosten wordt het echte verschil gemaakt. We gaan hierbij uit van 15.000 kilometer per jaar en een 20% hoger verbruik dan de fabrieksopgave. Als benzineprijs hanteren we €1,62 per liter en voor diesel €1,25 per liter (landelijke adviesprijzen in september 2017 volgens United Consumers met 5 cent korting). We gaan er daarnaast vanuit dat 70% van de laadbeurten thuis gebeurt, omdat de gemiddelde afstand per dag beduidend lager is dan de actieradius van de auto, en de rest bij de duurdere laadpalen en snellaad-stations. Gemiddeld rekenen we daarom met een stroomprijs van €0,25 per kWh[1]. Tot slot gaan we ervan uit dat de GTE 60% van de kilometers volledig elektrisch rijdt.

De verbruikskosten van de e-Golf zijn in dit geval ruim €300 per jaar lager dan de diesel en GTE en €800 tot €950 lager dan de benzinemodellen.

 

1.0 B

1.4 B

1.6 D

GTE

e-Golf

Verbruiks-kosten

€ 1.458

€ 1.580

€ 961

€ 1.023

€ 625

Tabel 3 Verbruikskosten per jaar per model


Onderhoudskosten

De onderhoudskosten van elektrische auto’s zijn in algemeenheid lager dan die van auto’s met verbrandingsmotoren (volgens ANWB 60% lager). Dit komt met name omdat er veel minder bewegende delen zijn, er bijvoorbeeld geen olie vervangen hoeft te worden en de rem minder gebruikt hoeft te worden (vanwege regeneratief remmen). Aan de andere kant is het mogelijk dat het batterijpakket tot extra onderhouds- of vervangingskosten leidt. Dit is een risico dat mensen wellicht nog weerhoudt van aanschaf van een elektrische auto. Al toont deze analyse van Tesla Model S-batterijen aan dat de levensduur van de batterijen tot wel 500.000 à 840.000 kilometer is.

Hoewel er dus redenen zijn om aan te nemen dat de onderhoudskosten (substantieel) lager zijn dan die van auto’s met verbrandingsmotoren nemen we deze niet mee in deze vergelijking (nemen we dus impliciet aan dat deze voor alle modellen gelijk zijn). Hiermee prijzen we het batterij-risico in en voorkomen we eventuele kritiek dat we ons rijk rekenen.


Totale jaarlijkse kosten

ING berekent uiteindelijk de “Total Cost of Ownership” van de auto’s uitgaande van een gebruiksduur van 5 jaar. In de tabel hieronder en grafiek 1 is de uitkomst voor de Nederlandse situatie op basis van de berekening in beeld gebracht. Het instapmodel is, niet verrassend, het goedkoopste. Daarna volgt de 1.4 liter benzineversie en op korte afstand de e-Golf. De diesel is weer iets duurder dan de e-Golf en de GTE kost veruit het meest.

 

1.0 B

1.4 B

1.6 D

GTE

e-Golf

Afschrijving

€2.536

€ 2.891

€ 2.925

€ 4.486

€ 4.336

Vaste lasten

€1.055

€ 1.137

€ 1.995

€ 1.218

€ 794

Verbruiks-kosten

€1.458

€ 1.580

€ 961

€ 1.023

€ 625

Totaal

€5.049

€ 5.607

€ 5.881

€ 6.727

€ 5.755

Tabel 4 Overzicht kosten per jaar per model

Figuur 1 Jaarlijkse kosten per model vergeleken



Impact kilometrage en gebruiksduur

Wanneer we de berekening voor een langere gebruikstijd (10 jaar) of een hoger jaarkilometrage (25.000) uitvoeren is alleen het instapmodel nog goedkoper dan de e-Golf. In de tweede vijf jaar is de e-Golf al het goedkoopste en bij elke extra kilometer komt de elektrische auto gunstiger uit de vergelijking.

Door de lage jaarlijkse kosten en gebruikskosten is het zeer aantrekkelijk om een tweedehands elektrische auto te kopen. Een duidelijk argument om aan te nemen dat elektrische auto’s goed hun (rest-)waarde behouden.

 

Kortom

Wanneer we zien dat de elektrische auto anno 2017 in Nederland al de concurrentie aan kan met de auto met verbrandingsmotor dan kunnen we concluderen dat de opkomst van de elektrische auto niet te stoppen is. Zeker niet gezien het feit dat de batterijprijzen zullen blijven dalen, er schaalvoordelen behaald gaan worden als elektrische auto’s in grotere hoeveelheden worden geproduceerd en er een belasting op CO2-uitstoot komt (waar zelfs bedrijven als Shell intern al mee rekenen).

Uiteraard blijven er redenen waarom nog niet iedereen massaal voor de elektrische auto is gegaan. Zo zijn er nog relatief weinig modellen volledig elektrisch, is de hogere aanschafprijs een barrière voor particuliere consumenten, is er voor veel mensen nog sprake van angst om stil te komen staan (“range anxiety”) en zijn mensen veelal nog onbekend met het gemak van (snel-)laden en het feit dat je in de praktijk bijna altijd de auto thuis of vlak bij huis oplaadt.


Niet in 2035, maar in 2027 alles elektrisch

Desondanks durf ik te voorspellen dat de elektrische auto sneller dan veel mensen nu denken het straatbeeld over zal nemen en dat we over tien jaar al het punt zullen bereiken dat er amper nog benzine- en dieselauto’s verkocht zullen worden in Nederland.

Als eerste maken bedrijven, leasers en autodelers de stap naar elektrische voertuigen. Bedrijven omdat deze beter in staat zijn de hogere investeringskosten te dragen, leasers omdat elektrische auto’s als enige nog in aanmerking komen voor het lagere bijtellingstarief van 4% en autodelers omdat de verbruikskosten de belangrijkste variabele zijn voor autodelen. De consument zal profiteren van de auto’s die na een aantal jaar uit de lease gaan en die voor autodelen zijn gebruikt. De belangrijkste top is er dan vanaf en de consument profiteert optimaal van de lage verbruikskosten. Over een jaar of vijf ligt de prijs van een nieuwe elektrische auto, door een toename van schaalvoordelen en lagere prijzen voor batterijen, veel dichter in de buurt van die van benzine- en dieselauto’s. In eerste instantie zal dan het aantal nieuwe diesels naar nul gaan en een aantal jaren later zal ook de benzineauto tot het verleden gaan behoren.

Op dus naar een snelle duurzame toekomst!

Hebt u naar aanleiding van deze analyse nog vragen, hebben we volgens u een belangrijk aspect gemist of wilt u uw wagenpark verduurzamen? Neem dan contact op via erik@keypoint.eu.

[1] Op basis van een tarief van €0,18 voor thuis laden en gemiddeld €0,40 voor laadpalen/snelladen